• 24/01/12

Verstoorde arbeidsrelatie trainer en sportvereniging; een voorbeeld

Waar in het begin van het seizoen clubs met trots hun nieuwe coach presenteren, zijn veel clubs zoals F.C. Twente na een half seizoen al weer een illusie armer. Naast Co Adriaanse zijn ook Mario Been, Erwin Koeman en Glen de Boeck dit seizoen als trainer van een eredivisieclub opgestapt. Zodra een coach met zijn club een paar wedstrijden achter elkaar slechte resultaten boekt, zit hij niet meer stevig in het zadel. Sterker nog, na verloop van tijd ‘eisen’ de supporters soms het ontslag van een trainer. Dat het opportunisme regeert in het professionele voetbal is algemeen bekend. Maar ook in het amateurvoetbal heeft men te maken met trainers die niet goed (meer) functioneren. Aan de hand van een fictief voorbeeld wordt duidelijk hoe hier door een arbitragecommissie mee wordt omgegaan in het amateurvoetbal.

Geen ‘chemie’ tussen de trainer-coach en zijn selectie

Op 1 juli 2010 is trainer-coach ‘Kramers’ in dienst getreden van Sportvereniging ‘De Wondersloffen’. Daar beide partijen de intentie hadden om een langere periode met elkaar samen te werken hadden zij een arbeidsovereenkomst gesloten voor de duur van 2 jaar tegen een salaris van circa € 1200,00 per maand. Al snel blijkt dat er tussen de trainer-coach en zijn selectie geen optimale samenwerking is, althans lijkt de chemie te ontbreken. Spelers snappen niet waarom zij bepaalde oefeningen moeten doen tijdens de training, spelpatronen worden onvoldoende uitgelegd en de wisselwerking tussen de trainer-coach en zijn selectie is abominabel.

Trainer op non-actief

Sportvereniging ‘De Wondersloffen’ moest daarom ingrijpen en deed dit ook. Op 3 maart 2011 heeft het bestuurslid technische zaken van de vereniging uitvoerig gesproken over het functioneren van de trainer-coach. Er zijn toen een aantal uitgangspunten op papier gezet in de hoop dat er alsnog een vruchtbare samenwerking zou gaan ontstaan. Nog geen maand later ontstaat er wederom rumoer binnen de selectie doordat mogelijk twee selectiespelers willen vertrekken. Door deze onrust ontstaat tijdens de eerste daaropvolgende wedstrijd een aanvaring tussen de trainer-coach en zijn aanvoerder. De vereniging ging achter zijn aanvoerder staan en stelde daarom per direct zijn trainer-coach op non-actief.

Zaak voorgelegd aan arbitragecommissie

Aangezien de club en de trainer-coach van mening verschillen over de vraag of de arbeidsovereenkomst ontbonden moest worden wegens gewichtige redenen en welke vergoeding daar tegenover moest staan, hebben ze de zaak voorgelegd aan de arbitragecommissie van de KNVB. De arbitragecommissie overweegt ten eerste dat de arbeidsverhouding tussen partijen dusdanig verstoord is dat een eventuele voortzetting hiervan geen reële optie is. Daarom wordt de arbeidsovereenkomst per 1 oktober 2011 ontbonden.

Hoogte van de vergoeding

Zoals altijd – en zeker hier ook het geval – zit de crux in het bepalen van de hoogte van de vergoeding. De arbitragecommissie stelt vast dat partijen een arbeidsovereenkomst voor de duur van twee jaar hebben afgesloten, zonder tussentijdse opzegmogelijkheid. In beginsel zal daarom aan de werknemer een vergoeding toegekend moeten worden ter hoogte van het salaris dat trainer-coach nog zou hebben ontvangen indien de arbeidsovereenkomst van rechtswege zou zijn geëindigd. Dit wordt slechts anders indien er omstandigheden zijn die billijken dat de hoogte van de vergoeding wordt gematigd.

Ontbindingsvergoeding sterk afhankelijk van specifieke omstandigheden

De arbitragecommissie acht het van belang dat de trainer-coach zich niet heeft gehouden aan de gemaakte afspraken tussen hem en de vereniging. Daarnaast overweegt de arbitragecommissie dat de vereniging te snel tot non-actiefstelling is overgegaan. Zij hadden volgens de commissie eerst moeten bezien of de ontstane problemen overbrugbaar waren. Naar aanleiding van bovenstaande feiten ziet de arbitragecommissie aanleiding om de vergoeding die voortvloeit uit het hiervoor bedoeld uitgangspunt in beperkte mate te beperken. Aan de trainer-coach wordt een ontbindingsvergoeding toegekend van € 6000,-.

Raadpleeg een sportrechtadvocaat!

Bovenstaande casus maakt duidelijk dat de hoogte van de vergoeding sterk afhangt van de omstandigheden van het geval. Wij raden u dan ook aan om u in dergelijke kwesties te laten bijstaan door een ervaren sportrechtadvocaat!

Contact

Frederik Hendriklaan 59A

2582 BT Den Haag

Over ons

De sportadvocaat is een initiatief van Zwan Advocaten. Passie voor ons vak, passie voor sport en een goede kennis van de markt is wat ons als sportadvocaten onderscheidend maakt.